Een warmtepomp verwarmt uw woning met elektriciteit door warmte uit de buitenlucht, de bodem of de ventilatielucht te halen en die op een hogere temperatuur aan het cv-water af te geven. Dat werkt alleen goed als het apparaat past bij de woning. Dit artikel helpt u kiezen en laat zien welke vakman welk deel van het werk doet. Of uw radiatoren kunnen blijven of dat vloerverwarming beter past, leest u uitgebreid in Vloerverwarming of radiatoren: wat past bij uw woning en warmtebron.
Hybride of volledig elektrisch: het verschil
Een hybride warmtepomp werkt samen met uw bestaande cv-ketel. De warmtepomp levert het grootste deel van de warmte voor de verwarming, en de ketel springt bij als het buiten erg koud is, als het huis snel moet opwarmen en voor het warme tapwater. De installatie bestaat meestal uit een buitenunit, een kleine binnenunit naast de ketel en de bestaande radiatoren. U blijft dus een gasaansluiting houden.
Een volledig elektrische warmtepomp, ook wel all-electric genoemd, neemt zowel de verwarming als het warme tapwater over. De cv-ketel verdwijnt, en daarmee in de regel ook het gasverbruik voor verwarming. Bij de meeste modellen hoort een boilervat voor het warme water, waardoor de binnenunit ongeveer zo groot is als een hoge koelkast; die komt meestal op de plek van de oude cv-ketel, of anders bijvoorbeeld in een berging, bijkeuken of aanbouw.
Milieu Centraal noemt de hybride warmtepomp geschikt voor woningen met matige isolatie; bij een redelijk tot goed geïsoleerde woning is een volledig elektrische warmtepomp volgens Milieu Centraal de betere keuze.
Welke warmtebron: lucht, bodem of ventilatielucht
Warmtepompen worden ook ingedeeld naar de bron waaruit ze warmte halen:
- Lucht-waterwarmtepomp. Haalt warmte uit de buitenlucht en geeft die af aan het verwarmingswater. Dit is de meest voorkomende vorm in bestaande woningen. Er zijn uitvoeringen met een aparte buiten- en binnenunit (split) en uitvoeringen waarin alle onderdelen in één apparaat zitten (monoblock). De buitenunit lijkt qua formaat op die van een airco en bevat een ventilator, wat de plek belangrijk maakt.
- Bodem-waterwarmtepomp. Haalt warmte uit de bodem via een bron of lus in de grond. Omdat de bodem minder afkoelt dan de buitenlucht, is het rendement volgens Milieu Centraal hoger, maar de aanleg is ingrijpender. Met een bodembron kunt u in de zomer bovendien zuinig koelen, en een bodembron gaat volgens Milieu Centraal langer mee dan een buitenunit. Er is geen buitenunit, dus geen ventilatorgeluid buiten.
- Ventilatiewarmtepomp. Haalt warmte uit de lucht die de mechanische ventilatie uit de woning afzuigt en vervangt de ventilatiebox. Dit type past alleen bij woningen met mechanische afzuiging; bij balansventilatie heeft hij volgens Milieu Centraal geen zin. De hoeveelheid warmte uit ventilatielucht is beperkt, zodat dit type vaak samen met een cv-ketel of een andere bron werkt.
Is uw woning geschikt?
Een warmtepomp levert cv-water op een lagere temperatuur dan een cv-ketel. Milieu Centraal noemt voor een warmtepomp ongeveer 45 tot 55 graden, tegenover 60 tot 80 graden voor een ketel. Het huis moet ook dan warm blijven, dus de woning moet de warmte vasthouden en de afgifte moet groot genoeg zijn.
Isolatie. Voor een volledig elektrische warmtepomp moet de woning volgens Milieu Centraal op zijn minst redelijk geïsoleerd zijn: dak- en vloerisolatie, een geïsoleerde spouwmuur en HR++-glas. Bij een hybride warmtepomp is goede isolatie geen harde voorwaarde, maar hoe beter u isoleert, hoe minder vaak de ketel hoeft bij te springen en hoe meer gas u bespaart. Welke isolatiemaatregel bij u het meest oplevert, leest u in Energielabel verbeteren: welke maatregelen tellen echt.
De verwarmingstest. Milieu Centraal biedt voor woningen met een hr-ketel een eenvoudige test: zet de aanvoertemperatuur van de cv-ketel in het stookseizoen op 50 graden, alleen voor het verwarmingswater en niet voor het tapwater, en houd de radiatoren open in de kamers die u normaal verwarmt. Blijft het huis ook in een koude periode comfortabel warm, dan is de woning waarschijnlijk klaar voor een warmtepomp; zo niet, dan is eerst meer isolatie of een groter afgifteoppervlak nodig.
De berekening van de installateur. De test is een eerste indicatie. Een goede installateur berekent daarnaast het warmteverlies van de woning, en bij voorkeur per vertrek, en bepaalt op basis daarvan het vermogen van de warmtepomp en of radiatoren moeten worden vervangen. Milieu Centraal noemt een berekening van het benodigde vermogen in de offerte een goed teken.
Hybride als tussenstap, en hoe het zit met de regels
Wie nog niet overal goed heeft geïsoleerd of een vrij nieuwe cv-ketel heeft, kiest vaak eerst voor een hybride warmtepomp. U bespaart dan direct gas, en zodra de isolatie en de afgifte op orde zijn, kan later de stap naar volledig elektrisch volgen.
Er is enige jaren gesproken over een verplichting om bij vervanging van de cv-ketel vanaf 2026 ten minste een hybride warmtepomp te plaatsen. Die plannen zijn niet doorgegaan. Het kabinet heeft in oktober 2026 wel aangekondigd dat het vanaf 2029 bij vervanging van de cv-ketel een slimme hybride warmtepomp als standaard wil invoeren, voor woningen die niet zijn of worden aangesloten op een warmtenet. Die plannen worden nog uitgewerkt en zijn op het moment van schrijven nog niet in wetgeving vastgelegd. Controleer de actuele stand van zaken op rijksoverheid.nl.
Geluid van de buitenunit
Een buitenunit bevat een ventilator en een compressor, en die maken geluid, vooral als de warmtepomp op vol vermogen draait in koude perioden. De meeste mensen vinden het geluid volgens Milieu Centraal niet storend, maar een slecht gekozen plek kan bij u of de buren tot ergernis leiden.
Er gelden ook wettelijke grenzen. Voor een installatie voor warmte- of koudeopwekking die buiten staat bij een woning, zoals de buitenunit van een warmtepomp, mag het geluidniveau ten hoogste 40 dB bedragen als de woning direct grenst aan een andere woning. Bij woningen op verschillende percelen geldt dat niveau op de perceelsgrens; bij woningen op hetzelfde perceel, zoals in een appartementengebouw, geldt het ter plaatse van een te openen raam of deur van een verblijfsruimte van de buren. Dat staat in het Besluit bouwwerken leefomgeving: voor nieuwbouw in artikel 4.107, lid 2, en artikel 4.108, lid 3, en voor het plaatsen bij een bestaande woning in artikel 5.14, lid 2. De installateur moet dus een plek en een model kiezen waarmee die grens wordt gehaald. Voor de berekening bestaat een rekentool van de overheid, en het geluid wordt berekend bij het maximale toerental van de gekozen instelling van de installatie.
Praktische punten waar u met de installateur over spreekt:
- een plek op afstand van de erfgrens en van slaapkamerramen, bij u en bij de buren;
- niet in een hoek of nis, waar het geluid weerkaatst;
- trillingsdempers of een stevige, ontkoppelde ondergrond, zodat de unit geen trillingen doorgeeft aan de gevel;
- een geluidsomkasting die door de fabrikant is goedgekeurd;
- een stille stand voor de avond en de nacht, als het model die heeft.
Overleg vooraf met de buren als de unit dicht bij hun tuin of ramen komt.
Waar mag de buitenunit staan: vergunning, monument en VvE
Een warmtepomp of airco die op de grond staat, is vergunningvrij als hij niet hoger is dan 1 meter en de oppervlakte niet meer dan 2 vierkante meter bedraagt (artikel 2.29, onder r, Besluit bouwwerken leefomgeving). Voor een unit tegen de gevel of op het dak hangt het af van het omgevingsplan van de gemeente; volgens IPLO is in de overgangsregels van het omgevingsplan het uitgangspunt dat een vergunning nodig is, maar kan een unit die het bouwvolume niet vergroot daarvan zijn vrijgesteld; de gemeente beoordeelt dat. Of er aan de voorkant of aan een zijgevel die naar de straat is gekeerd strengere regels gelden dan aan de achterkant, verschilt per omgevingsplan. Doe daarom altijd eerst de vergunningcheck in het Omgevingsloket of vraag het na bij de gemeente. Meer over vergunningvrij bouwen leest u in Wanneer heeft u een vergunning nodig.
Bij een monument ligt het strenger. Vergunningvrij is bij een rijksmonument alleen noodzakelijk regulier onderhoud dat is gericht op het behoud van de monumentale waarden, en een inpandige wijziging aan een onderdeel zonder monumentale waarde (artikel 13.11 Besluit activiteiten leefomgeving). Een buitenunit aan of op het monument valt daar niet onder. Volgens IPLO is bij een rijksmonument, een gemeentelijk of provinciaal monument en een voorbeschermd monument voor een buitenunit tegen de gevel of op het dak altijd een vergunning nodig. Een unit op de grond in de tuin kan bij een monument in de regel nog onder de vergunningvrije regel voor bouwwerken tot 1 meter hoog en 2 vierkante meter vallen, maar niet als de tuin of het erf zelf deel uitmaakt van het beschermde monument (artikel 2.30 Bbl). In een rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht geldt die vrijstelling alleen achter de woning, op een plek die niet naar openbaar gebied is gekeerd. Overleg vroeg met de gemeente over een plek die vanaf de straat zo min mogelijk zichtbaar is.
Woont u in een appartement, dan zijn de gevel, het dak en vaak ook het balkon gemeenschappelijke delen of delen waarvoor de regels van de vereniging van eigenaren gelden. Voor een buitenunit en voor de leidingen die door de gevel gaan, heeft u dan in de regel toestemming van de VvE nodig, en in het splitsingsreglement of het huishoudelijk reglement kunnen eisen staan over plaats en geluid. Hoe u een voorstel in de vergadering inbrengt, leest u in Verbouwen in een VvE-appartement.
Elektra: een eigen groep en soms een zwaardere aansluiting
Een warmtepomp draait in het stookseizoen vele uren achter elkaar en heeft een eigen groep in de groepenkast nodig. Bij een hybride warmtepomp is het vermogen meestal beperkt, en past de installatie vaak op de bestaande aansluiting, mits er ruimte is in de groepenkast. Een volledig elektrische warmtepomp vraagt meer vermogen, zeker als hij in de koudste perioden een elektrisch bijverwarmingselement inschakelt. Dan kan een driefasige aansluiting nodig of verstandig zijn, vooral als u ook elektrisch kookt of een laadpaal heeft of wilt. Milieu Centraal noemt het verzwaren van de aansluiting en een grotere groepenkast als punt om vooraf te controleren.
Laat een elektricien vooraf de groepenkast en de aansluitwaarde beoordelen en rekenen met het vermogen dat de warmtepomp, de kookplaat en eventuele andere grote verbruikers gelijktijdig vragen. Een verzwaring vraagt u aan bij de netbeheerder, en die kan een eigen doorlooptijd hebben. Hoe dat werkt en wat de elektricien doet, leest u in Groepenkast vervangen of uitbreiden.
Koudemiddel: certificaten en propaan
In een warmtepomp circuleert een koudemiddel. Veel warmtepompen gebruiken een gefluoreerd koudemiddel, een zogeheten F-gas. Wie met F-gassen werkt, moet daarvoor gecertificeerd zijn: de monteur met een persoonscertificaat en het bedrijf met een bedrijfscertificaat, volgens Milieu Centraal BRL 100. Dat geldt voor het installeren en ook voor onderhoud, reparatie en lekcontrole. Ook voor het werken met natuurlijke koudemiddelen gelden certificeringseisen. Afhankelijk van het type en de hoeveelheid koudemiddel kan een periodieke lekcontrole verplicht zijn. Meer over welke certificaten bij welk werk horen, leest u in Loodgieter, installateur of cv-monteur: wie belt u waarvoor.
Een alternatief is een warmtepomp met een natuurlijk koudemiddel, zoals propaan (R290). Volgens Milieu Centraal heeft propaan een veel lagere klimaatimpact dan veel andere koudemiddelen; het wordt vooral toegepast in monoblock-warmtepompen die buiten staan. Propaan is wel brandbaar en zwaarder dan lucht. Daarom schrijven fabrikanten rond de buitenunit een veiligheidszone voor, waarin geen ramen, deuren, ventilatieopeningen, putten of andere lage plekken en geen ontstekingsbronnen mogen liggen. De grootte van die zone verschilt per model; op een kleine plaats of een smal balkon kan dat de keuze beperken.
ISDE-subsidie en btw
Voor een hybride of volledig elektrische warmtepomp kunt u de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) van RVO aanvragen. De voorwaarden veranderen regelmatig; controleer ze op rvo.nl voordat u opdracht geeft. Op het moment van schrijven gelden onder meer deze voorwaarden:
- de warmtepomp is nieuw en staat bij voorkeur op de meldcodelijst van RVO; controleer dat vóór de aankoop
- een installatiebedrijf voert de volledige installatie uit; zelf installeren komt niet in aanmerking
- de regeling is bedoeld voor eigenaar-bewoners: u bent eigenaar van de woning en woont er zelf
- de woning is gebouwd vóór 1 januari 2019, of de omgevingsvergunning is aangevraagd vóór 1 juli 2018
- u laat de warmtepomp eerst installeren en vraagt de subsidie daarna aan, binnen 24 maanden na de installatie
- sinds 2026 komen split lucht-waterwarmtepompen met een vulgewicht onder de 3 kilogram en een koudemiddel met een GWP hoger dan 750 niet meer in aanmerking
Neemt u binnen 24 maanden ook een isolatiemaatregel, dan kan dat volgens RVO de subsidie voor de isolatie verhogen. Er wordt gewerkt aan aanvullende eisen voor warmtepompen in de toekomst, onder meer over slimme aansturing; houd daarom de actuele voorwaarden in de gaten als u de aanschaf uitstelt. Hoe de ISDE samenhangt met gemeentelijke regelingen en de Energiebespaarlening, leest u in Duurzaam verbouwen: subsidies en mogelijkheden.
Voor de btw geldt: op een warmtepomp en de installatie ervan rekent de installateur 21% btw. Het verlaagde tarief van 9% geldt alleen voor bepaalde arbeid aan woningen, zoals isoleren, en het nultarief voor zonnepanelen is op een warmtepomp niet van toepassing. Meer daarover in 9 of 21 procent btw bij verbouwen.
Wie doet wat, en waar let u op bij het bedrijf?
Bij een warmtepomp zijn vaak meerdere vakmensen betrokken:
- Installateur of cv-monteur. Berekent het warmteverlies, kiest en plaatst de warmtepomp, legt de koudemiddel- of waterleidingen aan, sluit aan op de cv-installatie en de bestaande ketel, past zo nodig radiatoren aan en regelt de installatie in. Werkt de installateur bij een hybride installatie ook aan de cv-ketel, dan moet het bedrijf voor dat werk een CO-certificaat hebben.
- Elektricien. Legt de groep aan, past zo nodig de groepenkast aan en stemt een verzwaring af met de netbeheerder.
- Timmerman of aannemer. Soms nodig voor een fundering of een stevige ondergrond voor de buitenunit, een omkasting, een doorvoer door de gevel of een kast voor de binnenunit en het boilervat. Voor zulk werk kunt u een timmerman of een aannemer inschakelen.
- Boorbedrijf. Bij een bodemwarmtepomp boort een gespecialiseerd bedrijf de bron. Volgens Milieu Centraal moet de installateur voor het deel onder de grond werken volgens BRL SIKB 11000 en voor het deel boven de grond volgens BRL 6000-21. Voor een bodemenergiesysteem kan bovendien een meldplicht bij de gemeente gelden.
Milieu Centraal adviseert om het complete systeem, van bron en warmtepomp tot afgifte, regeling en ventilatie, door één bedrijf te laten ontwerpen en plaatsen. Naast de verplichte certificaten zijn er vrijwillige erkenningen. InstallQ heeft een erkenningsregeling voor warmtepompinstallaties zonder bodembron, en Milieu Centraal noemt verder onder meer de regelingen Vakmanschap Warmtepompen en STEK. Die zijn geen wettelijke eis, maar wel een controleerbaar signaal van vakkennis.
Onderhoud. Ook een warmtepomp is niet onderhoudsvrij. Spreek af wie het periodieke onderhoud doet; Milieu Centraal noemt het geen goed teken als een installateur geen onderhoud wil doen. Houd de buitenunit vrij van bladeren, sneeuw en begroeiing, en laat bij een hybride installatie ook de cv-ketel blijven onderhouden. Vraag de fabrikantgarantie en de onderhoudsvoorwaarden op papier. Wat er aan onderhoud verplicht en verstandig is bij een ketel, leest u in CO-melder en cv-onderhoud.
Wat hoort er in de offerte?
Vraag twee of drie offertes aan op basis van een bezoek aan huis, en controleer of ze dezelfde onderdelen bevatten:
- de warmteverliesberekening en het daarop gebaseerde vermogen van de warmtepomp;
- het type: hybride of volledig elektrisch, de bron, merk en model, de meldcode voor de ISDE en het koudemiddel;
- de plaats van de buitenunit en de binnenunit, met de verwachte geluidsbelasting op de erfgrens en eventuele geluidsmaatregelen;
- aanpassingen aan de afgifte: radiatoren die worden vervangen of toegevoegd, en het waterzijdig inregelen;
- het elektrische werk: de groep, eventuele aanpassing van de groepenkast en wie een verzwaring aanvraagt;
- bouwkundig werk zoals een fundering, doorvoeren en het afwerken van gaten in de gevel;
- de certificaten van het bedrijf, de garantie en de onderhoudsafspraken;
- een factuur met de gegevens die u voor de ISDE nodig heeft.
Hoe u offertes naast elkaar legt, leest u in Offerte vergelijken: zo leest u een bouwofferte.
Samengevat: begin bij de isolatie en de verwarmingstest, kies dan tussen hybride en volledig elektrisch en spreek de plek van de buitenunit af met oog voor geluid, vergunning en buren. Op VerbouwPro plaatst u uw klus kosteloos en reageren cv-monteurs en elektriciens uit uw regio.