VerbouwPro
Onderhoud

Houten vloer schuren, lakken of oliën: wanneer, waarmee en wat de vloerenlegger doet

9 oktober 202616 min leestijdVerbouwPro Redactie

Een versleten houten vloer hoeft er meestal niet uit: massief parket, planken en lamelparket kunt u schuren en opnieuw afwerken. Wanneer is schuren nodig en wanneer volstaat een nieuwe toplaag, hoe vaak kan een lamelvloer onder de schuurmachine, en wat is het verschil tussen lak, olie en hardwax-olie? Met aandacht voor houtstof, de regels voor oplosmiddelen, droogtijden, vloerverwarming, asbest in oude lijm, monumenten en de offerte.

Een houten vloer is een van de weinige onderdelen van een woning die met de jaren mooier kan worden, mits hij af en toe wordt opgeknapt. Krassen, grijze looppaden, vlekken en een doffe of afgebladderde laklaag zijn geen reden om de vloer eruit te halen: massief parket, oude grenen of eiken planken en de meeste lamelvloeren (ook wel duoplank of meerlaags parket genoemd) kunt u schuren en opnieuw afwerken. Dit artikel legt uit wanneer schuren echt nodig is en wanneer een nieuwe toplaag volstaat, hoe het schuren in zijn werk gaat, wat het verschil is tussen lak, olie en hardwax-olie, en waar u op let bij stof, oplosmiddelen, droogtijden, vloerverwarming, oude lijm en monumenten. Gaat u liever voor een heel nieuwe vloer, lees dan Nieuwe vloer kiezen: pvc, laminaat, parket of gietvloer.

Schuren of alleen een nieuwe toplaag?

Niet elke vermoeide vloer hoeft tot op het kale hout te worden geschuurd. De vraag is vooral of de bestaande afwerklaag nog intact is.

  • Alleen opfrissen volstaat als de lak dof is en fijne krasjes heeft, maar nergens is doorgesleten tot op het hout. De vakman reinigt en ontvet de vloer dan grondig, schuurt de lak licht op met een fijne korrel of een schuurpad en brengt een of twee nieuwe laklagen aan. Bij een geoliede vloer is het equivalent een grondige reiniging en een onderhoudsbeurt met olie, zonder te schuren.
  • Volledig schuren is nodig als de lak op looppaden is doorgesleten en het hout grauw of zwart is geworden, als de lak bladdert of loslaat, bij diepe krassen en deuken, bij vlekken die in het hout zijn getrokken, en als u een andere kleur of afwerking wilt, bijvoorbeeld van lak naar olie of andersom.
  • Twijfelgevallen zijn een vloer met een onbekende oude afwerking, zoals was of een oude kunstharslak, waarop een nieuwe laklaag mogelijk niet goed hecht. Een vakman test dat vaak eerst op een onopvallende plek.

Wie op tijd opfrist, hoeft minder vaak volledig te schuren. Dat is vooral bij een lamelvloer van belang, omdat elke schuurbeurt hout kost dat niet terugkomt.

Hoe vaak kan uw vloer geschuurd worden?

Bij massief parket en massieve planken bestaat de hele plank uit hout, en kan er geschuurd worden tot vlak boven de messing en groef waarmee de planken in elkaar grijpen. Zo'n vloer kan in de loop van zijn leven daarom vele keren worden opgeknapt. Bij oude genagelde planken let de vakman wel op spijkerkoppen, die eerst dieper moeten worden ingeslagen om schuurpapier en machine te sparen.

Bij een lamelvloer zit alleen bovenop een laag echt hout, de toplaag of slijtlaag, op een drager van multiplex, naaldhout of HDF. Hoe vaak u kunt schuren, hangt rechtstreeks af van de dikte van die toplaag. Gangbare lamelvloeren hebben een toplaag van enkele millimeters, en per volledige schuurbeurt gaat er doorgaans enkele tienden van een millimeter tot een millimeter of meer af, afhankelijk van hoe diep de schade zit en hoe vlak de vloer ligt. Een vloer met een dikke toplaag kan daarom meerdere keren onder de machine, een vloer met een dunne toplaag misschien één keer, en fineerparket, met een zeer dunne houten toplaag, in de regel niet. Laminaat en pvc hebben helemaal geen houten toplaag en kunnen niet worden geschuurd.

Weet u niet wat voor vloer u heeft, dan kunt u het vaak zelf vaststellen: haal een plint of een vloerrooster weg, kijk bij een overgangsprofiel of aan de kopse kant van een traptrede, of til een plank bij een kast op. Aan de doorsnede ziet u of de plank uit één stuk hout bestaat of uit lagen, en hoe dik de bovenste houtlaag is. Een vloerenlegger kan dit ook voor u meten voordat hij een offerte maakt; bij een dunne toplaag hoort een voorzichtigere schuuraanpak.

Het schuurproces: grofte, randen en reparaties

Professioneel schuren gebeurt in stappen, van grof naar fijn. De vakman werkt met een grote vloerschuurmachine (een band- of walsschuurmachine) voor het open vlak, een randschuurmachine langs de wanden en een schraper of kleine schuurmachine voor hoeken en onder radiatoren.

  1. Eerste gang. Met een grove korrel gaat de oude lak of olie eraf en worden oneffenheden weggenomen. Hoe grof, hangt af van de afwerking en de staat: een dikke oude laklaag vraagt een grovere start dan een licht versleten geoliede vloer.
  2. Tussengangen. Daarna volgen een of meer gangen met een steeds fijnere korrel, waarbij de krassen van de vorige gang worden weggeschuurd. Een vuistregel in het vak is om niet meer dan één korrelstap over te slaan, omdat de fijnere korrel de diepe krassen van een veel grovere gang anders niet meer wegkrijgt.
  3. Laatste gang. De laatste gang met een fijne korrel bepaalt hoe glad het hout wordt en hoe de afwerking opneemt. Veel vakmensen gaan daarna nog met een vlakschuurmachine of schuurpad over de hele vloer om de overgang tussen rand en vlak weg te werken.

Bij de eerste gang kiest de vakman vaak een schuine of diagonale richting op een oneffen vloer; de laatste gangen gaan in de lengterichting van de planken, zodat eventuele schuursporen met de houtnerf meelopen. Bij visgraat en andere patronen ligt dat anders, omdat de nerf in twee richtingen loopt.

Tussen de schuurgangen door worden reparaties gedaan. Loszittende parketstroken of blokjes worden opnieuw verlijmd, een beschadigde plank wordt vervangen door een passend stuk (inboeten), krakende planken worden vastgezet en diepe gaten worden opgevuld. Donkere vlekken in eiken, bijvoorbeeld van een lekkende plantenbak, zitten soms zo diep in het hout dat ze niet weg te schuren zijn; dan is vervangen van het stuk de enige oplossing.

Tot slot worden de naden gevuld. De gangbare methode is een voegenkit die wordt gemengd met het fijne schuurstof van de vloer zelf, zodat de vulling dezelfde kleur krijgt; die pasta wordt over de hele vloer in de naden gestreken en na het drogen weggeschuurd met de laatste gang. Bredere naden in oude planken worden soms gedicht met ingelijmde houten latjes. Houd er rekening mee dat hout blijft werken met de seizoenen: in het stookseizoen kunnen naden weer iets opengaan, ook na het vullen.

Lak, olie of hardwax-olie

De keuze voor de afwerking bepaalt het uiterlijk, het onderhoud en hoe u later schade herstelt.

  • Lak vormt een harde, gesloten film op het hout. Een gelakte vloer is goed bestand tegen vlekken en vocht en is eenvoudig schoon te houden. Lak is er van mat tot hoogglans. Het nadeel is dat krassen in de laklaag zichtbaar blijven en dat plaatselijk herstel lastig is: een beschadiging laat zich niet onzichtbaar bijwerken, zodat u bij slijtage een heel vlak of de hele vloer opnieuw lakt.
  • Olie trekt in het hout en laat de nerf en structuur goed zien. Een geoliede vloer voelt natuurlijker aan en is plaatselijk te herstellen: een kras of slijtplek kunt u licht opschuren en opnieuw oliën, zonder dat er een randje ontstaat. Daar staat tegenover dat een geoliede vloer vaker onderhoud vraagt, met een speciaal reinigingsmiddel en periodiek een onderhoudsolie, en gevoeliger is voor vlekken van bijvoorbeeld water, wijn of vet als die lang blijven liggen.
  • Hardwax-olie combineert olie met wassen. Het product trekt in het hout en laat aan het oppervlak een dunne beschermlaag achter, waardoor de vloer iets beter bestand is tegen vlekken dan bij pure olie, terwijl plaatselijk herstel mogelijk blijft. Veel vakmensen zien het als tussenweg tussen lak en olie.

Daarnaast kunt u vóór de afwerking een kleur aanbrengen met een gekleurde olie of beits, of het hout lichter maken met een witte olie of een lak met wit pigment. Vraag de vakman om een proefvlak op uw eigen vloer, want dezelfde kleur valt op eiken anders uit dan op grenen. In een keuken of hal met veel looppad kiezen veel mensen voor lak; in een woonkamer waar de uitstraling van het hout belangrijk is, vaker voor olie of hardwax-olie. Het belangrijkste criterium is welk onderhoud u wilt doen.

Watergedragen of oplosmiddelhoudend: de VOS-regels

Lakken en oliën bevatten vluchtige organische stoffen (VOS): oplosmiddelen die tijdens het drogen verdampen. Inademen daarvan kan hoofdpijn, duizeligheid en op termijn schade aan het zenuwstelsel geven, de bekende schildersziekte OPS, tegenwoordig chronische toxische encefalopathie (CTE) genoemd. Daarom gelden er voor professionals strenge regels. Artikel 4.32a van de Arbeidsomstandighedenregeling beperkt het VOS-gehalte van onder meer lakken, beitsen, vernissen, vulmiddelen, olie- en wasachtige producten en vloercoatings die binnen in gebouwen worden aangebracht, tot ten hoogste 100 gram per liter gebruiksklaar product; voor muurverf ligt de grens nog lager. Voor lijm voor vloerbekleding geldt een eigen, nog lagere grens.

In de praktijk betekent dit dat een vloerenlegger of schilder binnen vrijwel altijd werkt met watergedragen lak en olie, of met producten die zo weinig oplosmiddel bevatten dat ze onder de grens blijven. Moderne watergedragen parketlakken zijn slijtvast en geven minder geur en dampen tijdens het werk. Een verschil dat u kunt zien: oplosmiddelhoudende lak en olie kleuren eiken vaak warmer en geler aan, terwijl watergedragen producten het hout lichter en natuurlijker laten. Wilt u die warme toon, vraag dan naar een watergedragen product met aanfeurende eigenschappen of een gekleurde olie.

De VOS-regels gelden voor werkgevers en, via artikel 9.5 van het Arbobesluit, ook voor zelfstandige vakmensen, maar niet voor u als particulier die zelf klust. Ook voor zelf klussen raadt Milieu Centraal watergedragen olie, was of lak aan, en een extra periode van goed ventileren als u toch een product met oplosmiddelen gebruikt.

Houtstof en uw gezondheid

Schuren levert grote hoeveelheden fijn houtstof op, en dat is meer dan een schoonmaakprobleem. Hardhoutstof, onder meer van eiken, geldt in Nederland en Europa als kankerverwekkend, en er is een wettelijke grenswaarde voor de blootstelling van werknemers van 2 milligram per kubieke meter lucht, als gemiddelde over een werkdag van acht uur. Daarnaast moet de werkgever volgens het Arboportaal streven naar een veel lagere waarde. Ook zachthoutstof, van bijvoorbeeld grenen, kan allergie en irritatie van luchtwegen en huid geven en wordt ervan verdacht kankerverwekkend te zijn. De Gezondheidsraad heeft in 2026 nieuwe advieswaarden voor houtstof gepubliceerd die voor alle houtstof gelden, dus voor hardhout- én zachthoutstof.

Een professionele vloerenlegger werkt daarom met machines met een goede stofafzuiging, vaak gekoppeld aan een aparte afzuigunit, en draagt zo nodig adembescherming. Voor u als bewoner betekent het: houd deuren naar de rest van het huis dicht, plak kieren af, haal textiel en open voedsel uit de buurt en laat kinderen en huisdieren tijdens het schuren elders verblijven. Na afloop wordt de ruimte gezogen met een stofzuiger met een goed filter voordat de afwerking erop gaat; stof dat achterblijft komt anders in de lak terecht.

Houtstof is bovendien brandbaar. Gebruikte doeken en pads met olie of hardwax-olie kunnen door zelfontbranding vlam vatten als ze opgepropt blijven liggen, omdat drogende olie warmte ontwikkelt. Leg ze na gebruik uitgespreid buiten te drogen of bewaar ze in een afgesloten metalen blik, en laat ook een volle stofzak van de schuurmachine niet binnen staan.

Ventilatie, droogtijd en uithardingstijd

Een vloer die droog aanvoelt, is nog niet uitgehard. Dat verschil is belangrijk voor wanneer u de ruimte weer in gebruik neemt.

  • Tussen de lagen. Watergedragen lak is meestal na enkele uren overschilderbaar, zodat de vakman op één dag meerdere lagen kan aanbrengen; tussen de lagen wordt vaak licht tussengeschuurd.
  • Voorzichtig belopen. Op sokken lopen kan doorgaans na ongeveer een dag, afhankelijk van product, temperatuur en luchtvochtigheid.
  • Meubels terugzetten. Lichte meubels kunnen meestal na een paar dagen terug, met viltjes eronder; schuif niets over de vloer maar til het op.
  • Vloerkleden en volledige belasting. Lak en hardwax-olie harden in de weken na het aanbrengen verder uit. Leg vloerkleden en matten pas terug als de fabrikant aangeeft dat de afwerking volledig is uitgehard, vaak na ongeveer een week en afhankelijk van product en omstandigheden soms later, en dweil de vloer in die periode niet nat.

Ventileer tijdens en na het werk goed, maar voorkom tocht en felle zon op de natte laag, want die kunnen ongelijk drogen veroorzaken. De meeste producten hebben een minimale verwerkingstemperatuur; in een onverwarmd huis in de winter droogt een vloer veel langzamer. Het technisch blad van de fabrikant is leidend; vraag de vakman welke termijnen voor het gebruikte product gelden en laat ze in de offerte of opleverinstructie opnemen.

Vloerverwarming

Een houten vloer op vloerverwarming kan gewoon worden geschuurd en afgewerkt, maar vraagt wat extra voorzichtigheid. Fabrikanten van parketlak en -olie adviseren meestal om de vloerverwarming enkele dagen voor het afwerken laag te zetten of uit te schakelen, en na het drogen weer geleidelijk op te voeren, zodat de afwerking niet te snel droogt en het hout niet plotseling krimpt of uitzet. Een dunne laag lak of olie verandert weinig aan de warmteweerstand van de vloer, maar bij een vloer die al op de grens van wat geschikt is zit, kan een vloerkleed dat wel doen.

Wees bij een lamelvloer op vloerverwarming extra voorzichtig met schuren: zulke vloeren zijn vaak verlijmd en hebben soms een dunnere toplaag, en een schuurmachine die te lang op één plek blijft staan, gaat er sneller doorheen. Meer over de combinatie van vloer en verwarming leest u in Vloerverwarming of radiatoren.

Oude en monumentale vloeren: asbest en vergunning

Bij oude vloeren is het belangrijk om te weten wat eronder zit voordat er geschuurd, gesloopt of gerepareerd wordt. In woningen die vóór 1994 zijn gebouwd of gerenoveerd, kan asbest voorkomen in zwarte bitumenlijm onder parketblokjes of mozaïekparket, in vinylzeil met een viltachtige onderlaag en in oude vloertegels. Zolang het materiaal onaangetast onder de vloer zit, is het risico klein; schuren, schrapen of losbreken kan echter vezels vrijmaken.

Komt u bij een reparatie zwarte lijm of een verdachte onderlaag tegen, stop dan en laat eerst een monster onderzoeken. Asbest verwijderen is in de meeste gevallen werk voor een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf, en er gelden regels voor melding bij de gemeente. Hoe u asbest herkent en welke stappen u moet zetten, leest u in Asbest herkennen bij verbouwen. Een goede vloerenlegger vraagt bij oude vloeren zelf naar het bouwjaar en de opbouw.

Woont u in een rijksmonument, dan geldt de bescherming in de regel voor het hele gebouw, dus ook voor historische vloeren, en heeft u voor wijzigingen een omgevingsvergunning nodig. Noodzakelijk regulier onderhoud dat gericht is op het behoud van de monumentale waarden, is vergunningvrij zolang detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur niet veranderen (artikel 13.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving). Een historische vloer schuren en afwerken op de bestaande manier kan daar onder vallen, maar een andere kleur, het overschakelen van een historische was- of olieafwerking naar lak of het vervangen van delen door ander hout mogelijk niet. Overleg vooraf met de gemeente; voor gemeentelijke monumenten staan de regels in het omgevingsplan of de erfgoedverordening en die verschillen per gemeente.

Ook los van de vergunning vraagt een oude vloer om terughoudendheid. Historische grenen of eiken delen zijn vaak al eerder geschuurd en dunner dan ze lijken, en sporen van gebruik maken deel uit van de waarde. Een vakman met ervaring in restauratie schuurt zo weinig mogelijk en kiest een afwerking die past bij de oorspronkelijke. De Arboregeling maakt een uitzondering op de VOS-grenzen voor het herstellen of onderhouden van historische afwerkingen in rijksmonumenten in de oorspronkelijke techniek, zodat traditionele producten daar mogen worden gebruikt.

Zelf schuren of de vloerenlegger?

Een vloerschuurmachine is bij veel bouwmarkten en verhuurbedrijven te huur, en een handige klusser kan er een vloer mee opknappen. De risico's zijn echter reëel:

  • Golven en schuurgaten. Een zware machine die even stil staat terwijl de band of wals draait, schuurt in een paar seconden een kuil in de vloer. Zulke golven zijn na het lakken goed zichtbaar en niet meer weg te werken zonder veel hout te verliezen.
  • Door de toplaag heen. Bij een lamelvloer met een dunne toplaag is één onhandige schuurbeurt genoeg om de drager bloot te leggen. Dat is niet te repareren zonder planken te vervangen.
  • Ongelijke randen. De randen en hoeken worden met andere machines geschuurd en krijgen gemakkelijk een andere kleur of glans dan het vlak.

Een professionele vloerenlegger of parketteur heeft zware, goed afgestelde machines met afzuiging, beoordeelt vooraf de toplaag en de staat van de vloer, voert de reparaties uit en weet welk product bij uw gebruik en uw hout past. Een gemiddelde woonkamer is in de regel binnen enkele dagen geschuurd en afgewerkt, inclusief droogtijd tussen de lagen. Kiest u toch voor zelf doen, oefen dan eerst in een kleine ruimte, laat de machine nooit stilstaan terwijl hij draait, begin met een niet te grove korrel en draag een stofmasker met een goede filterklasse. Meer over wat u zelf kunt doen, leest u in Wat kunt u zelf doen bij een verbouwing en wat beter niet.

De offerte en een vakman kiezen

Vraag ten minste twee offertes en zorg dat ze dezelfde onderdelen bevatten. Een goede offerte voor schuren en afwerken noemt:

  • Het aantal vierkante meters en welke ruimten, trappen, dorpels en plinten worden meegenomen.
  • Het type vloer en, bij een lamelvloer, de vastgestelde dikte van de toplaag.
  • Het aantal schuurgangen en de korrels, en hoe de randen en hoeken worden behandeld.
  • De reparaties: herlijmen, inboeten, vastzetten, en hoe de naden worden gevuld.
  • Het product met merk en type (lak, olie of hardwax-olie), de kleur, de glansgraad en het aantal lagen.
  • Hoe het stof wordt beheerst en wat u zelf vooraf moet doen, zoals de ruimte leeghalen.
  • De planning, inclusief droog- en uithardingstijd en wanneer u de ruimte weer kunt gebruiken.
  • Onderhoudsadvies na oplevering en de garantie op het werk.

Wat de prijs vooral bepaalt, zijn het oppervlak, de staat van de vloer en het aantal reparaties, het type en de dikte van de oude afwerking, het gekozen product en de hoeveelheid randen, trappen en hoeken. Hoe u offertes naast elkaar legt, leest u in Offerte vergelijken.

Let bij de keuze van de vakman op ervaring met uw soort vloer, vraag naar foto's of referenties van vergelijkbaar werk en controleer de inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Koopt u de vloer of het werk via een woonwinkel, vraag dan of de winkel CBW-erkend is, een erkenning voor woonwinkels die zijn aangesloten bij branchevereniging INretail; zulke winkels werken onder een erkenningsregeling met onder meer een productgarantie, een regeling voor uw aanbetaling bij faillissement en toegang tot een onafhankelijke geschillenregeling. Een erkenning is geen garantie, maar wel een teken dat het bedrijf zich aan afspraken wil binden.

Samengevat: frist u op tijd op, dan hoeft de vloer minder vaak volledig onder de machine. Moet er toch geschuurd worden, laat dan eerst de toplaag en de ondergrond beoordelen, kies een afwerking die past bij het onderhoud dat u wilt doen, en geef de vloer de tijd om uit te harden. Op VerbouwPro plaatst u uw klus kosteloos en reageren vloerenleggers uit uw regio.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak kan een lamelparketvloer geschuurd worden?
Dat hangt af van de dikte van de houten toplaag. Gangbare lamelvloeren hebben een toplaag van enkele millimeters en per volledige schuurbeurt gaat er doorgaans enkele tienden van een millimeter tot een millimeter of meer af, afhankelijk van de schade en hoe vlak de vloer ligt. Een dikke toplaag kan daarom meerdere keren worden geschuurd, een dunne misschien een keer en fineerparket meestal niet. Laat de toplaag vooraf meten.
Wat is beter voor een houten vloer: lak of olie?
Lak vormt een harde film en is goed bestand tegen vlekken, maar beschadigingen zijn lastig plaatselijk te herstellen. Olie trekt in het hout, geeft een natuurlijke uitstraling en is plaatselijk bij te werken, maar vraagt vaker onderhoud. Hardwax-olie zit daartussen. De beste keuze hangt af van het onderhoud dat u wilt doen en van het gebruik van de ruimte.
Mag een vloerenlegger nog oplosmiddelhoudende lak gebruiken?
Voor professionals die binnen werken beperkt artikel 4.32a van de Arbeidsomstandighedenregeling het gehalte aan vluchtige organische stoffen in onder meer lak, olie en vloercoatings, voor de meeste producten tot 100 gram per liter. In de praktijk werken vloerenleggers binnen daarom met watergedragen of oplosmiddelarme producten. Er zijn uitzonderingen, onder meer voor historische afwerkingen in rijksmonumenten.
Wanneer kan ik meubels en vloerkleden terugzetten na het lakken?
Op sokken lopen kan doorgaans na ongeveer een dag, lichte meubels met viltjes vaak na een paar dagen. Lak en hardwax-olie harden daarna nog verder uit; leg vloerkleden pas terug als de fabrikant aangeeft dat de afwerking volledig is uitgehard, vaak na ongeveer een week, soms later. Het technisch blad van het gebruikte product is leidend.
Is schuren van een oude parketvloer gevaarlijk vanwege asbest?
Het kan zijn. In woningen van voor 1994 kan asbest voorkomen in zwarte bitumenlijm onder parketblokjes of mozaïekparket en in oude vloerbedekking met een viltachtige onderlaag. Zolang het onaangetast onder de vloer zit is het risico klein, maar schuren, schrapen of losbreken kan vezels vrijmaken. Stop bij twijfel en laat eerst een monster onderzoeken.

Meer uit Onderhoud

Onderhoud

Buitenschilderwerk: wanneer schilderen, welk weer en wat de schilder doet

Buitenschilderwerk beschermt houten kozijnen, deuren en boeidelen tegen vocht en houtrot, maar alleen als het op tijd en onder de juiste omstandigheden gebeurt. Welke signalen laten zien dat het schilderwerk aan de beurt is, hoe vaak u moet schilderen, bij welk weer een schilder wel en niet aan de slag gaat en welke stappen goed schilderwerk kenmerken. Met aandacht voor lood in oude verf, steigers, de VvE, onderhoudscontracten en wat er in een offerte hoort.

Lees meer
Onderhoud

Glas vervangen: HR++ of triple glas, condens tussen de ruiten en wat de glaszetter doet

Condens tussen de ruiten, een barst of nog enkel glas: er zijn veel redenen om het glas in uw bestaande kozijnen te laten vervangen. Wat betekent condens aan de binnen-, buiten- of tussenkant, kan uw kozijn dikker en zwaarder glas dragen, wanneer kiest u veiligheidsglas of geluidwerend glas, wat geldt voor monumenten en de ISDE-subsidie, en hoe gaat een glaszetter te werk? Met aandacht voor ventilatie, de VvE en de huurwoning.

Lees meer
Onderhoud

Ramen laten wassen: hoe vaak, veiligheid op hoogte en wat de glazenwasser doet

Hoe vaak uw ramen gewassen moeten worden, hangt af van de plek waar u woont: aan een drukke weg, bij zee of in een nieuwbouwwijk vervuilen ramen sneller. Wat een glazenwasser precies doet, van wisser en trekker tot telescoopsteel met osmosewater en hoogwerker, wat er bij een beurt hoort, waarom werken op hoogte zo strak is geregeld en wie de buitenkant betaalt in een appartement of huurwoning.

Lees meer

Vakman nodig?

Vind een erkende vakman bij u in de buurt. Plaats gratis uw klus of meld u aan als vakman op VerbouwPro.