Een nieuwe tuin is een van de weinige verbouwingen waarvan het resultaat elk jaar mooier wordt, mits de basis goed is. Wat u na de aanleg ziet, zijn de planten, het gras en de bestrating. Wat bepaalt of de tuin over tien jaar nog goed is, ligt eronder: de kwaliteit van de grond, de manier waarop regenwater wegloopt, de fundering onder de tegels en de ligging van kabels en leidingen. Dit artikel legt uit hoe een tuin van ontwerp tot beplanting tot stand komt, in welke volgorde een hovenier werkt, welke regels gelden voor graven, afwatering, bouwwerken en beplanting bij de erfgrens, en waar u op let bij het kiezen van een vakman en het lezen van de offerte.
Ontwerp en aanleg: twee verschillende stappen
Bij een tuin wordt vaak onderscheid gemaakt tussen het ontwerp en de aanleg. Een tuinontwerper of een hovenier met een ontwerpafdeling maakt eerst een plan: waar komt het terras, waar het gras of de borders, hoe loopt het pad, waar staan bomen en een schuur, en hoe gaat het regenwater weg. Een goed ontwerp houdt rekening met de zon (waar is het 's middags en 's avonds zonnig), de grondsoort (zand, klei of veen), de hoogte ten opzichte van de woning en de buren, en met wat u met de tuin wilt: kinderen die spelen, weinig onderhoud, een moestuin of juist veel bloei voor insecten.
Bij een kleinere tuin maakt de hovenier vaak zelf een schets met een beplantingsvoorstel als onderdeel van de offerte. Bij een grotere of complexere tuin, met hoogteverschillen, een vijver of bouwwerken, loont een uitgewerkt ontwerp met een tekening op schaal en een beplantingsplan. Dan kunt u ook offertes van verschillende hoveniers op hetzelfde plan laten maken, wat het vergelijken een stuk eenvoudiger maakt.
Voordat er wordt gegraven: KLIC-melding en kabels en leidingen
In en onder bijna elke tuin liggen kabels en leidingen: de aansluitingen voor elektriciteit, gas, water, telecom en riolering, en soms leidingen van netbeheerders die door de tuin lopen. Wie mechanisch gaat graven, bijvoorbeeld met een minigraver, moet dat vooraf melden bij het Kadaster met een KLIC-melding (graafmelding). Die plicht staat in de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (Wibon). De melding wordt gedaan door de grondroerder: degene onder wiens verantwoordelijkheid of leiding de graafwerkzaamheden worden verricht. Graaft een hovenier met een machine, dan doet hij in de regel de melding; huurt u zelf een minigraver, dan bent u de grondroerder. Volgens het Kadaster is de melding ook verplicht als u anderen met een graafmachine op uw grond laat graven. Als opdrachtgever moet u er volgens de wet bovendien voor zorgen dat het graafwerk zorgvuldig kan worden uitgevoerd.
De melding doet u minimaal 3 en maximaal 20 werkdagen voordat het graven begint; begint het werk niet binnen 20 werkdagen na de bevestiging, dan is een nieuwe melding nodig. Graaft u met de hand, dan is een melding niet verplicht, maar het Kadaster raadt het wel aan. Voor het maken van een ontwerp kunt u een oriëntatieverzoek doen; op basis daarvan mag u echter niet graven.
Let op: de KLIC-informatie is niet altijd compleet voor de laatste meters. Huisaansluitingen tussen de woning en de grens van het perceel ontbreken soms; daarvoor kunt u contact opnemen met de netbeheerder. En leidingen die u zelf heeft laten aanleggen, zoals tuinverlichting, een buitenkraan, een pomp of de afvoer van een regenpijp, staan er helemaal niet in. Vertel de hovenier vooraf wat u weet, en laat nieuwe kabels en leidingen in de tuin in een mantelbuis op diepte leggen en op een tekening vastleggen. Elektra in de tuin moet net zo veilig worden aangelegd als binnen; zie Mag ik zelf elektra aanleggen.
De volgorde van het werk
Een tuin wordt van onder naar boven aangelegd. Een vakkundige hovenier werkt grofweg in deze volgorde:
- Opruimen en slopen. Oude bestrating, funderingen, beplanting en bouwafval worden verwijderd en afgevoerd. Bij nieuwbouw zit er vaak puin, zand en verdichte grond van de bouwplaats in de tuin.
- Grondwerk. Het terrein wordt op hoogte gebracht en onder afschot gelegd. Verdichte grond wordt losgemaakt, slechte grond wordt verbeterd of vervangen door teelaarde, en waar bestrating komt, wordt de ondergrond juist verdicht.
- Drainage en afwatering. Drainagebuizen, infiltratievoorzieningen, de aansluiting van regenpijpen en eventueel een wadi worden aangelegd zolang de grond nog open ligt.
- Kabels en leidingen. Mantelbuizen voor tuinverlichting, stroompunten, een buitenkraan of een beregeningssysteem gaan nu de grond in, vóór de bestrating.
- Constructies. Funderingen voor een schuur, overkapping, keerwanden, schutting of vlonder worden gemaakt.
- Bestrating. Paden en terrassen worden gelegd, met opsluitbanden langs de randen.
- Beplanting en gazon. Bomen, heesters, hagen en vaste planten worden geplant, en gras wordt gezaaid of als graszoden gelegd.
- Afwerking. Bodembedekker, mulch of schors, en de laatste controle van de afwatering na een flinke bui.
Wordt de tuin aangelegd na een verbouwing of aanbouw, plan de tuin dan pas als het zware bouwverkeer klaar is. Steigers, containers en bouwmateriaal verdichten de grond en beschadigen nieuwe bestrating.
Afwatering, hemelwater en minder verharding
Het belangrijkste uitgangspunt is simpel: regenwater moet van het huis af lopen. Bestrating rond de woning wordt daarom onder een licht afschot gelegd, weg van de gevel, naar de tuin, een goot of een put. Leg de bestrating bovendien niet hoger dan nodig tegen de gevel: houd voldoende afstand tot de onderkant van de deurdorpels en houd ventilatieroosters van de kruipruimte vrij, anders kan water naar binnen lopen en raakt de kruipruimte slecht geventileerd.
Daarnaast speelt de buurt een rol. Het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat lagere erven het water moeten ontvangen dat van hoger gelegen erven van nature afloopt. Dat geldt voor water dat van nature afstroomt, niet voor water dat u er zelf naartoe leidt: een eigenaar mag de loop van het water niet zo veranderen dat de buren daar onrechtmatig hinder van krijgen, en het dak van een gebouw of bouwwerk moet zo zijn ingericht dat het water niet op het erf van de buren afloopt. Wie de tuin ophoogt of een overkapping bouwt, moet dus nagaan waar het water heen gaat.
Er zijn verschillende manieren om regenwater in de eigen tuin op te vangen:
- Infiltratie: water zakt in de bodem weg via gras, beplanting, waterdoorlatende bestrating of ondergrondse infiltratiekratten.
- Regenton: een ton aan de regenpijp vangt water op dat u later kunt gebruiken om de tuin te begieten.
- Wadi: een verlaagd, beplant of met gras ingezaaid deel van de tuin dat bij een flinke bui tijdelijk vol loopt en het water daarna langzaam laat wegzakken. Op kleigrond, waar water slecht wegzakt, is een wadi minder geschikt.
- Afkoppelen: de regenpijp wordt losgekoppeld van het riool, zodat het dakwater in de tuin wordt opgevangen in plaats van het riool te belasten.
Veel gemeenten stimuleren het afkoppelen van regenpijpen en het vergroenen van tuinen, en sommige geven daar subsidie voor. In een aantal gemeenten bevat het omgevingsplan ook regels over het opvangen van hemelwater of over de hoeveelheid verharding, vooral bij nieuwbouw. Vraag bij uw gemeente wat er geldt voordat de tuin wordt ontworpen. Afkoppelen werkt alleen als de grond het water ook kan verwerken; op slecht doorlatende grond of bij een hoge grondwaterstand is een goede berekening van de hovenier nodig.
Een betegelde tuin lijkt onderhoudsarm, maar heeft nadelen. Tegels laten regenwater nauwelijks door, zodat het bij een hoosbui over het terras naar de woning of het riool loopt. In de zomer warmt steen sterk op en geeft het 's avonds die warmte af, terwijl beplanting juist verkoelt. En een tuin met weinig planten biedt weinig voedsel en beschutting voor insecten, vogels en egels. Milieu Centraal adviseert daarom de verharding zo beperkt mogelijk te houden en waar mogelijk halfverharding te gebruiken, zoals grind of schelpen, waar water doorheen zakt. Initiatieven als Operatie Steenbreek zetten zich in voor het vergroenen van tuinen.
Een groene tuin betekent niet automatisch veel werk. Een goed beplantingsplan met bodembedekkers en vaste planten die bij de grond en de zon passen, laat weinig ruimte voor onkruid. Een terras waar u zit en een pad waar u loopt, zijn functionele verharding; de rest van de tuin kan groen zijn.
Bestrating: de opbouw onder de tegels
Bestrating die na een paar jaar verzakt, golft of plassen vormt, heeft bijna altijd een probleem in de ondergrond. Een goed bestratingswerk bestaat uit:
- een vaste, verdichte ondergrond, waarbij slappe grond, veen en humusrijke teelaarde onder de bestrating worden vervangen door zand;
- een funderingslaag van verdicht zand, en bij een oprit voor de auto vaak ook een laag menggranulaat of gebroken puin;
- een vlak afgereid straatzandbed waarop de stenen of tegels worden gelegd;
- opsluitbanden langs de randen, zodat de bestrating niet uit elkaar loopt;
- het invegen van de voegen en het aftrillen van de bestrating, zodat alles vast komt te liggen.
Op klei- en veengrond zakt bestrating op den duur vrijwel altijd wat. Een goede vakman houdt daar rekening mee in de opbouw en kan uitleggen wat u kunt verwachten. Bij keramische tegels op tegeldragers of op een gebonden bed gelden weer andere regels; vraag welke methode de hovenier voorstelt en waarom.
Bouwwerken in de tuin: vergunningvrij of niet
Een schuur, tuinhuis, overkapping of pergola is een bouwwerk. In het achtererfgebied zijn veel van deze bouwwerken vergunningvrij, mits ze binnen de landelijke regels blijven voor hoogte, oppervlakte en afstand tot de woning en de erfgrens. Uw gemeente kan in het omgevingsplan aanvullende regels hebben, en bij een monument of in een beschermd stads- of dorpsgezicht gelden andere regels. Doe bij twijfel de vergunningcheck in het Omgevingsloket. De regels voor het achtererf leest u in Aanbouw of uitbouw vergunningvrij, en voor schuttingen en hekken in Schutting of erfafscheiding plaatsen.
Ook het weghalen van bestaande bomen kan vergunningplichtig zijn; dat bepaalt uw gemeente. Kijk daarvoor in Boom kappen in uw tuin, en laat de hovenier pas beginnen als duidelijk is welke bomen mogen blijven en welke weg mogen.
Hovenier, stratenmaker of aannemer?
Een hovenier is de generalist van de tuin: ontwerp, grondwerk, bestrating, beplanting, gazon, schuttingen en onderhoud. Voor de meeste particuliere tuinen is een hovenier het logische aanspreekpunt, ook omdat hij overziet hoe bestrating, afwatering en beplanting samenhangen. Een stratenmaker is gespecialiseerd in bestrating en is een goede keus voor een grote oprit of een tuin die vooral uit verharding bestaat; veel hoveniers schakelen voor grote bestratingsklussen zelf een stratenmaker in. Een aannemer ligt meer voor de hand als de tuin onderdeel is van een grotere verbouwing, bijvoorbeeld met een aanbouw, een kelder of zware keerwanden, of als er funderingen en riolering moeten worden aangelegd die buiten het gewone hovenierswerk vallen.
Voor een tuinhuis of overkapping kan een timmerman worden ingeschakeld, voor tuinverlichting en stroompunten een elektricien. Spreek in dat geval af wie de coördinatie doet, zodat de mantelbuizen al liggen voordat de bestrating erop gaat.
Het plantseizoen
Niet alles kan het hele jaar worden geplant. Bomen en grote struiken plant u volgens Milieu Centraal het best in het najaar; in de winter kan het ook in een periode waarin het niet hard vriest, en het vroege voorjaar is eveneens geschikt. Dat geldt zeker voor wortelnaakte planten en planten met kluit, die in de rustperiode worden gerooid en verplant, grofweg van de herfst tot het voorjaar. Planten in pot kunnen in principe het hele jaar worden geplant, maar hebben in de zomer veel water nodig.
Na het planten hebben jonge bomen en struiken volgens Milieu Centraal een tot twee jaar extra water nodig in de periode dat ze blad dragen, zeker in droge perioden. Een regenton is daar handig voor. Gras zaaien gaat het best in het voorjaar of de nazomer, als de grond warm en vochtig is; graszoden kunnen een groter deel van het jaar worden gelegd. Plan de aanleg zo dat het harde werk, zoals grondwerk en bestrating, klaar is voordat het plantseizoen begint.
Bomen, heggen en de buren
Bij het planten langs de erfgrens geldt het burenrecht. Volgens artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek mogen bomen niet binnen 2 meter van de erfgrens staan, gerekend vanaf het midden van de voet van de boom, en heesters en heggen niet binnen 0,5 meter. Een verordening of een plaatselijke gewoonte kan een kleinere afstand toestaan; vraag bij uw gemeente na of daar zo'n regel geldt. De regel geldt niet als de buurman toestemming heeft gegeven, als het naburige erf een openbare weg of openbaar water is, en de buurman kan zich niet verzetten tegen beplanting die niet hoger reikt dan de scheidsmuur tussen de erven; daaronder valt volgens de wet ook een ondoorzichtige schutting.
Takken die over de erfgrens hangen, mag de buurman na een aanmaning zelf wegknippen als u dat nalaat, en doorgeschoten wortels mag hij weghalen voor zover ze op zijn erf zitten. Houd bij het ontwerp daarom rekening met de volwassen omvang van bomen en heesters, niet met de maat waarin ze worden geplant. Bespreek een nieuwe haag of boom bij de erfgrens vooraf met de buren; tips daarvoor staan in Verbouwen en de buren.
Een hovenier kiezen en de offerte
Vraag twee of drie offertes aan op basis van een bezoek aan de tuin, en bij voorkeur op basis van hetzelfde ontwerp. Let bij de keuze op ervaring met vergelijkbare tuinen, referenties en foto's van eerder werk, inschrijving bij de KvK en een aansprakelijkheidsverzekering. De branchevereniging voor hoveniers en groenvoorzieners is de Koninklijke VHG. Volgens de VHG werken leden voor particulieren met de VHG-consumentenvoorwaarden; bij een geschil kunt u terecht bij de onafhankelijke Geschillencommissie, met een nakomingsgarantie. Daarnaast bestaat het onafhankelijke keurmerk Groenkeur voor groenbedrijven, met certificatie en controles door certificatie-instellingen. Een keurmerk of lidmaatschap is geen garantie voor goed werk, maar wel een teken dat het bedrijf zich aan afspraken en controle verbindt.
Een goede offerte voor tuinaanleg bevat ten minste:
- een omschrijving per onderdeel: sloopwerk, grondwerk, drainage, bestrating, constructies, beplanting en gazon;
- de hoeveelheden: vierkante meters bestrating, kubieke meters grond en zand, en het aantal en de maat van de planten;
- de materialen: soort en kleur bestrating, opbouw van de fundering, soort grond of teelaarde, en de plantenlijst met maten;
- de afvoer van grond, puin, oude bestrating en groenafval;
- wie de KLIC-melding doet en hoe er wordt omgegaan met onverwachte kabels, leidingen of obstakels in de grond;
- de planning, met de afhankelijkheid van het weer en het plantseizoen;
- de garantie, bijvoorbeeld op het aanslaan van de beplanting en onder welke voorwaarden, zoals water geven;
- de betalingsvoorwaarden en eventuele stelposten.
Hoe u offertes eerlijk naast elkaar legt, leest u in Offerte vergelijken, en wat redelijk is bij een aanbetaling in Aanbetaling aan de aannemer.
Onderhoud na de aanleg
De eerste jaren na de aanleg zijn bepalend. Nieuwe beplanting heeft in droge perioden water nodig, nieuwe gazons mogen pas worden gemaaid als het gras goed is aangeslagen, en tussen jonge planten groeit onkruid zolang de bodem nog niet bedekt is. Bestrating kan in het eerste jaar wat nazakken en de voegen moeten soms opnieuw worden ingeveegd. Plan daarnaast het vaste onderhoud: hagen snoeien, borders bijhouden, bladruimen in het najaar en de afvoerputten en goten schoonhouden, zodat de afwatering blijft werken.
Veel hoveniers bieden een onderhoudsabonnement aan, met een aantal vaste beurten per jaar. Spreek bij de aanleg ook af wat er onder de garantie valt als een plant niet aanslaat, en wat u daarvoor zelf moet doen. In de Onderhoudskalender voor uw woning ziet u welke tuinklussen per seizoen aan de beurt zijn.
Samengevat: begin met een ontwerp dat rekening houdt met zon, grond en water, laat de KLIC-melding doen voordat er machinaal wordt gegraven, zorg dat regenwater van het huis af en in de eigen tuin wegloopt, beperk de verharding, plant in het juiste seizoen en houd rekening met de afstanden tot de erfgrens. Op VerbouwPro plaatst u uw tuinklus kosteloos en reageren hoveniers en aannemers uit uw regio.