VerbouwPro
Regelgeving

Aannemer failliet tijdens de verbouwing: wat nu?

8 oktober 202610 min leestijdVerbouwPro Redactie

De bouwplaats is stil, de telefoon wordt niet meer opgenomen en in het insolventieregister staat uw aannemer als failliet. Wat gebeurt er nu met uw overeenkomst, met de termijnen die u al heeft betaald en met de materialen die op uw oprit liggen? Stap voor stap: de curator en artikel 37 Faillissementswet, uw vordering als concurrente schuldeiser, onderaannemers die bij u aankloppen, de waarborg van een keurmerk, uw verzekeringen, de herstart met een nieuwe aannemer en hoe u dit risico bij een volgende verbouwing klein houdt.

Een faillissement van de aannemer is voor een opdrachtgever het ergste scenario dat een verbouwing kent: het werk ligt stil, er is al betaald en de woning is half open. Toch is het geen situatie zonder regels. De Faillissementswet bepaalt wie er nu over uw overeenkomst beslist, het Burgerlijk Wetboek bepaalt van wie de materialen zijn die op de bouwplaats liggen, en keurmerken en verzekeringen bepalen of iemand de extra kosten draagt. Dit artikel loopt de stappen in de volgorde waarin zij zich in de praktijk aandienen. De uitkomst verschilt per situatie; bij grote belangen is juridisch advies, bijvoorbeeld via uw rechtsbijstandverzekering, geen overbodige luxe.

Stap 1: controleer het faillissement en stop met betalen aan de aannemer

Geruchten zijn geen faillissement. Een bedrijf is pas failliet wanneer de rechtbank dat heeft uitgesproken; in hetzelfde vonnis benoemt de rechtbank een curator (artikel 14 Faillissementswet). Die uitspraak wordt ingeschreven in het Centraal Insolventieregister van de Rechtspraak (artikel 19 Faillissementswet), een openbaar register dat u zelf online doorzoekt op naam, KvK-nummer of postcode en huisnummer. Ook in het Handelsregister van de KvK wordt het faillissement vermeld, inclusief de naam van de curator. Zoekt u de aannemer en vindt u niets, dan is er mogelijk sprake van surseance van betaling, een schuldregeling of simpelweg een aannemer die niet meer reageert; in dat laatste geval geldt het gewone recht bij wanprestatie, met een ingebrekestelling als eerste stap.

Is het faillissement uitgesproken, dan betaalt u niets meer aan de aannemer zelf. De aannemer mag na het vonnis niet meer over zijn vermogen beschikken; alleen de curator is bevoegd. Betaalt u toch een openstaande termijn op de oude rekening, dan loopt u het risico dat die betaling niet bevrijdend is en dat de curator het bedrag nogmaals vordert. Betaal uitsluitend na schriftelijke instructie van de curator, en alleen voor werk dat daadwerkelijk is verricht.

Stap 2: de curator en uw overeenkomst (artikel 37 Faillissementswet)

Uw aannemingsovereenkomst eindigt niet automatisch door het faillissement. De wet geeft de curator de keuze om de overeenkomst alsnog na te komen ("gestand te doen") of niet. Omdat u niet eindeloos in onzekerheid mag blijven, kunt u die keuze afdwingen: u stelt de curator schriftelijk een redelijke termijn om te verklaren of hij de overeenkomst nakomt. Verklaart hij zich binnen die termijn niet bereid, dan verliest de curator het recht om van u nakoming te vorderen (artikel 37 lid 1 Faillissementswet). Verklaart hij zich wél bereid, dan moet hij daarbij zekerheid stellen voor die nakoming (artikel 37 lid 2). In de praktijk kiest een curator bij een particuliere verbouwing zelden voor gestanddoening: er is geen personeel meer, geen krediet bij leveranciers en geen belang voor de boedel. Reken er dus op dat u zelf verder moet.

Stuur die brief per e-mail én aangetekend, vermeld het faillissementsnummer, voeg de overeenkomst en een overzicht van betaalde termijnen bij en vraag de curator in dezelfde brief om een standpunt over de materialen op de bouwplaats en om vrijgave van het werk, zodat u een andere aannemer kunt inschakelen. Blijft een reactie uit of weigert de curator, dan kunt u de overeenkomst ontbinden; de vordering die daaruit voortvloeit, dient u in als concurrente schuldeiser (artikel 37a Faillissementswet).

Stap 3: uw vooruitbetaalde termijnen zijn een concurrente vordering

Alles wat u heeft betaald voor werk dat niet is uitgevoerd, en de extra kosten die een nieuwe aannemer u in rekening brengt, vormen samen uw vordering op de boedel. U dient die in bij de curator met bewijsstukken: de overeenkomst, facturen, betaalbewijzen en liefst een opname van de stand van het werk. Juristen noemen dit "indienen ter verificatie". Doe dat snel en volledig; de curator stelt op basis van alle ingediende vorderingen een rangorde en uitdelingslijst op.

Wees realistisch over de opbrengst. Eerst worden de boedelkosten betaald, waaronder het salaris van de curator, daarna de preferente schuldeisers, zoals de Belastingdienst en het UWV, terwijl een bank met pand- of hypotheekrecht zich als separatist buiten de rangorde om op haar onderpand verhaalt, en pas daarna de gewone, concurrente schuldeisers, waartoe u als opdrachtgever behoort. De KvK schrijft het onomwonden: de kans is groot dat een concurrente schuldeiser niets of slechts een deel krijgt. Veel faillissementen van kleine bouwbedrijven eindigen zelfs "bij gebrek aan baten", zonder enige uitkering. Plan uw herstart daarom alsof dit geld weg is; een eventuele uitkering komt vaak pas na jaren en is dan een meevaller. Was het bedrijf een eenmanszaak of vof, dan is de ondernemer privé aansprakelijk, maar ook dan deelt u mee in dezelfde rangorde.

Stap 4: van wie zijn de materialen op de bouwplaats?

Hier lopen drie situaties door elkaar, en het antwoord verschilt per situatie.

  • Verwerkt in de woning. Kozijnen die zijn geplaatst, metselwerk dat staat, leidingen die zijn aangelegd: wat duurzaam met uw woning is verenigd, is door natrekking uw eigendom geworden (artikel 5:20 jo. 3:4 BW). Dat geldt ook als de aannemer zijn leverancier nooit heeft betaald. De leverancier kan die zaken niet meer terughalen; hij heeft alleen een vordering op de boedel.
  • Geleverd, nog niet verwerkt, door u betaald. Staan de pakketten isolatie of de badkamer op uw naam gefactureerd en betaald, of heeft u met de aannemer schriftelijk vastgelegd dat betaalde materialen uw eigendom zijn, dan zijn ze van u. Leg dat met facturen en foto's aan de curator voor en laat ze niet afvoeren.
  • Geleverd, nog niet verwerkt, niet door u betaald. Dit is het lastige geval. Veel bouwleveranciers leveren onder eigendomsvoorbehoud (artikel 3:92 BW): zij blijven eigenaar tot de aannemer betaald heeft. Zij kunnen die materialen via de curator terugvragen. Is er geen voorbehoud, dan behoren de materialen tot de boedel en beslist de curator wat ermee gebeurt. U mag ze niet zonder meer gaan gebruiken; vraag de curator schriftelijk of u ze kunt overnemen, vaak tegen een redelijke vergoeding.

Wat u in alle gevallen doet: foto's maken van alles wat er ligt, de bouwplaats afsluiten en niemand zonder overleg met de curator iets laten ophalen. Een leverancier die zonder toestemming materialen komt weghalen, moet u naar de curator verwijzen.

Stap 5: onderaannemers en leveranciers die bij u aankloppen

De stukadoor, de installateur of de houthandel die door uw aannemer zijn ingeschakeld en niet zijn betaald, melden zich soms bij u met de vraag om hun facturen te voldoen, soms met de suggestie dat zij anders "hun werk" komen weghalen. Juridisch is het eenvoudig: u heeft met hen geen overeenkomst. Zij hebben een vordering op de failliete aannemer en moeten die bij de curator indienen; u bent hun niets verschuldigd. Betaalt u hen uit coulance, dan betaalt u twee keer voor hetzelfde werk. Wat wél kan: een onderaannemer die het werk kent, rechtstreeks inhuren voor het resterende werk, onder een nieuwe, schriftelijke overeenkomst en tegen een nieuwe prijs. Spreek dan uitdrukkelijk af dat oude vorderingen op de aannemer buiten die afspraak blijven.

Stap 6: waarborg van een keurmerk, verzekering en rechtsbijstand

Of iemand anders de schade draagt, hangt af van wat u vóór de start heeft geregeld. Bij een aannemer die is aangesloten bij BouwGarant kon u voor aanvang een Verbouwgarantie afsluiten; die vergoedt bij faillissement de extra afbouwkosten en dekt na oplevering verborgen gebreken. De regeling moet vóór de start zijn afgesloten, vereist een getekend contract met kostenspecificatie en een betaalschema volgens de regels van BouwGarant; u ontvangt een certificaat als bewijs. Heeft u dat certificaat, meld de schade dan direct. De waarborgcertificaten van Woningborg en SWK zijn bedoeld voor kopers van een nieuwbouwwoning: zij dekken de afbouw bij faillissement van de bouwer en garantieklachten na oplevering, maar gelden niet voor een gewone verbouwing van een bestaande woning, tenzij uw project onder een specifieke renovatieregeling van zo'n waarborgfonds is aangemeld. Welk keurmerk wat precies dekt, leest u in Keurmerken in de bouw uitgelegd.

Een CAR-verzekering dekt materiële schade aan het werk tijdens de bouw, zoals storm, diefstal of een gesprongen leiding; het faillissement zelf is geen gedekte schade. Was de CAR-polis door de aannemer afgesloten, dan vervalt de dekking meestal met het faillissement en staat uw halve verbouwing onverzekerd; informeer uw opstalverzekeraar en vraag of een eigen CAR-dekking voor de resterende periode mogelijk is. Een rechtsbijstandverzekering met consumenten- of woondekking vergoedt doorgaans de juridische hulp bij het aanschrijven van de curator, het beoordelen van de nieuwe overeenkomst en eventuele geschillen. Zijn er na oplevering gebreken aan het oude werk, dan kunt u die niet meer bij de failliete aannemer verhalen; hoe garantie dan werkt, leest u in Garantie na een verbouwing.

Stap 7: verder met een nieuwe aannemer

Voordat iemand anders aan het werk gaat, legt u de stand van het werk vast. Maak gedetailleerde foto's en video van elke ruimte, noteer wat af is, wat half af is en wat ontbreekt, en laat bij een grotere verbouwing een onafhankelijke bouwkundige een opnamerapport maken. Dat rapport is uw bewijs tegenover de curator (voor uw vordering), tegenover de nieuwe aannemer (voor de afbakening van zijn werk) en later bij gebreken. Vraag de curator schriftelijk om bevestiging dat u de bouwplaats mag vrijgeven aan een derde.

Vraag daarna minimaal twee aannemers om een offerte op basis van het opnamerapport en de oorspronkelijke tekeningen. Een nieuwe aannemer rekent gewoonlijk een opslag voor het overnemen van half werk: hij moet controleren wat zijn voorganger deed en soms delen opnieuw maken. Leg in de nieuwe overeenkomst vast welk werk bestaand is en welk werk nieuw. Dat is sinds de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen extra belangrijk: de aannemer is na oplevering aansprakelijk voor gebreken die bij de oplevering niet zijn ontdekt, tenzij die hem niet zijn toe te rekenen (artikel 7:758 lid 4 BW). Voor het werk van zijn failliete voorganger wil hij die aansprakelijkheid redelijkerwijs niet dragen, dus verwacht een uitsluiting voor bestaand werk en een eigen oplevering van het nieuwe deel. Valt uw project onder kwaliteitsborging, informeer dan ook de kwaliteitsborger en de gemeente over de wisseling van aannemer. Financiert u met een bouwdepot, meld de situatie dan bij de bank; sommige geldverstrekkers vragen een aangepaste verbouwingsspecificatie.

Voorkomen bij een volgende verbouwing

  • Betaal naar voortgang. Een beperkte eerste termijn, tussentermijnen bij herkenbare mijlpalen en een slottermijn na oplevering; na elke betaling moet er meer werk staan dan u heeft betaald. Hoe dat eruitziet leest u in Aanbetaling aan de aannemer.
  • Grote bedragen alleen via depot of garantie. Een notarieel depot of een bankgarantie van de aannemer houdt uw geld buiten de boedel.
  • Materialen op uw naam. Laat maatwerk met lange levertijd op uw naam factureren of leg schriftelijk vast dat betaalde materialen uw eigendom zijn.
  • Controleer vooraf. Zoek het bedrijf op in het Handelsregister (bestaat het, wie is bestuurder, hoe lang bestaat het) en in het Centraal Insolventieregister; een eerder faillissement van dezelfde bestuurder is een signaal, geen oordeel.
  • Kies een keurmerk met afbouwwaarborg en sluit die waarborg daadwerkelijk af vóór de start; een lidmaatschap alleen dekt niets.
  • Let op signalen tijdens de bouw. Leveranciers die niet meer leveren, personeel dat verdwijnt, verzoeken om termijnen eerder te betalen: stel dan betaling uit tot het werk zichtbaar is en vraag opheldering.

Een faillissement treft ook de vakmensen die voor de aannemer werkten. De timmerman of metselaar die uw project kent, is vaak de snelste weg naar een afgeronde verbouwing, mits u de afspraken opnieuw en schriftelijk maakt.

Veelgestelde vragen

Moet ik nog betalen aan een failliete aannemer?
Nee, niet aan de aannemer zelf. Na het faillissementsvonnis is alleen de curator bevoegd over het vermogen van de aannemer. Betaal openstaande termijnen uitsluitend na schriftelijke instructie van de curator en alleen voor werk dat daadwerkelijk is uitgevoerd. Een betaling op de oude rekening kan niet-bevrijdend zijn.
Krijg ik mijn aanbetaling terug als de aannemer failliet is?
Meestal niet of slechts gedeeltelijk. Uw vordering voor niet-uitgevoerd werk is een concurrente vordering die u bij de curator indient met bewijsstukken. Boedelkosten en preferente schuldeisers zoals de Belastingdienst gaan voor. Veel faillissementen van kleine bouwbedrijven eindigen zonder uitkering aan gewone schuldeisers.
Mag ik de materialen gebruiken die op de bouwplaats liggen?
Materialen die al in de woning zijn verwerkt, zijn door natrekking uw eigendom. Losse materialen die u zelf heeft betaald en op uw naam staan, zijn ook van u. Losse materialen die de aannemer niet heeft betaald, kunnen onder eigendomsvoorbehoud van de leverancier vallen of tot de boedel behoren; vraag de curator schriftelijk om een standpunt voordat u ze gebruikt.
Moet ik de onderaannemers van de failliete aannemer betalen?
Nee. Onderaannemers en leveranciers hebben een overeenkomst met de aannemer, niet met u; zij moeten hun vordering bij de curator indienen. U kunt hen wel rechtstreeks inhuren voor het resterende werk, onder een nieuwe schriftelijke overeenkomst waarin oude vorderingen uitdrukkelijk buiten blijven.
Dekt een keurmerk of verzekering de kosten van een faillissement?
Alleen als u vooraf een afbouwwaarborg heeft afgesloten, zoals de Verbouwgarantie van BouwGarant bij een aangesloten aannemer; die vergoedt de extra afbouwkosten. Woningborg en SWK gelden voor nieuwbouw. Een CAR-verzekering dekt schade aan het werk, niet het faillissement. Een rechtsbijstandverzekering vergoedt doorgaans de juridische hulp.

Gerelateerde artikelen

Regelgeving

Aanbetaling aan de aannemer: wat is gebruikelijk en hoe betaalt u veilig in termijnen?

"Dertig procent bij opdracht, graag vóór maandag": veel verbouwingen beginnen met een verzoek om aan te betalen. Verplicht is dat niet. Wat de wet wel en niet regelt, welke termijnregeling in de branche gangbaar is, waarom de 5%-regeling alleen voor nieuwbouw geldt, hoe een depot bij de notaris of een bankgarantie werkt, waaraan een factuur moet voldoen en welke signalen erop wijzen dat u beter niet vooruitbetaalt.

Lees meer
Advies

Keurmerken in de bouw uitgelegd: BouwGarant, Woningborg, SWK, Techniek Nederland, KOMO, VCA, Erkend Installateur

Logo's op de bus, de website en de offerte: BouwGarant, Woningborg, SWK, Techniek Nederland, KOMO, VCA, Erkend Installateur. Maar wie geeft zo'n keurmerk af, wat is er getoetst en wat heeft u er concreet aan als er iets misgaat? Per keurmerk leest u wat het u oplevert, wat het juist niet zegt en hoe u in een register controleert of een bedrijf het echt mag voeren, inclusief de wettelijke CO-certificering voor gaswerk.

Lees meer
Regelgeving

Garantie na een verbouwing: hoe lang, waarop en van wie?

Een lekkend dak twee jaar na de oplevering, een loslatende tegelvloer, een cv-ketel die het begeeft: wie draait ervoor op? De wet geeft u meer bescherming dan de meeste garantiebewijzen, maar kent wel termijnen en spelregels. Wat het Burgerlijk Wetboek regelt, wat een contractuele garantie en een fabrieksgarantie toevoegen, welke termijnen in de branche gangbaar zijn en wat een waarborgregeling doet als de aannemer failliet gaat.

Lees meer

Meer uit Regelgeving

Regelgeving

CO-melder en cv-onderhoud: wat is verplicht en wat is verstandig?

Rookmelders zijn sinds 1 juli 2022 op elke verdieping verplicht, een koolmonoxidemelder is dat niet, en voor het jaarlijkse onderhoud van de cv-ketel bestaat geen wettelijke plicht. Wat wél wettelijk is geregeld: wie aan uw cv-ketel, geiser of gashaard mag werken. Sinds 1 april 2023 mag dat alleen een CO-vrij gecertificeerd bedrijf. Wat het Besluit bouwwerken leefomgeving precies voorschrijft, waar u een CO-melder ophangt volgens de brandweer, hoe u koolmonoxidevergiftiging herkent, hoe u controleert of uw installateur in het register staat en waarom een open geiser extra aandacht verdient.

Lees meer
Regelgeving

Dakkapel plaatsen: vergunningvrij of vergunning nodig?

Een dakkapel aan de achterkant is in veel gevallen vergunningvrij, een dakkapel aan de voorkant bijna nooit. Onder de Omgevingswet gelden daarvoor landelijke maten die voorgaan op het omgevingsplan van uw gemeente; aan de voorkant beslist de gemeente en praat de welstand mee. Welke maten gelden, hoe de vergunningcheck en de aanvraag werken, wat het burenrecht en de VvE zeggen, welke isolatie- en ventilatie-eisen het Bbl stelt en of u kiest voor prefab of traditioneel.

Lees meer
Regelgeving

Mag ik zelf een gasleiding of cv-ketel aanleggen? Wat de wet zegt

Een cv-ketel ophangen, een gasleiding verleggen of een fornuis aansluiten: handige doe-het-zelvers denken daar al snel over na. Sinds 1 april 2023 is werk aan gasverbrandingstoestellen en hun rookgasafvoer wettelijk voorbehouden aan CO-vrij gecertificeerde bedrijven, en ook de opdrachtgever is strafbaar als hij dat negeert. Wat u wel en niet zelf mag, waar het terrein van de netbeheerder begint, wat verzekeraar en koper ervan vinden en hoe u een gecertificeerd installateur vindt of juist helemaal van het gas af gaat.

Lees meer

Vakman nodig?

Vind een erkende vakman bij u in de buurt. Plaats gratis uw klus of meld u aan als vakman op VerbouwPro.